Posts tonen met het label Lillestoff. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Lillestoff. Alle posts tonen

donderdag 6 juli 2017

Een slaapzakje.

Omdat heel dunne slaapzakken moeilijk te vinden zijn - zeker in de grotere maten, zeker als je je geen ongeluk wil betalen, en zeker als ze ook niet te lelijk mogen zijn - (een gat in de markt, kzweeretu!), maakte ik er eentje zelf.

Ik dacht zo "tricot, dat is aangenaam. Da's wel wat warmer dan katoen, maar ik vind dat zachter slapen. En je doet dan geen pyjama aan, gewoon die slaapzak, en 't is in de sacoche".

De echtgenoot, die wilde geen onzichtbare rits, en zijn wil is wet als het over kindjes te slapen leggen gaat. De echtgenoot, die legt de kindjes te slapen. In 98% van de gevallen. Misschien ook vaker. Als hij later dan gewoonlijk thuis is, durf ik mijn gasten al eens langer op te laten, zodat hij ze toch in bed kan leggen. Want hij kan dat als de beste. Of ik suck daarin, dat kan ook(*). In ieder geval, een gewone stevige rits, middenvoor. Geen tralala.

Ik nam een bestaande dikke slaapzak, tekende die over op papier, knipte dat papier uit, tekende over op de dunne tricot, knipte die stof uit, en naaide in elkaar. Tadaah. Gelukkig deed ik dat al eind mei, zodat Amélie tijdens ons weekje Portugal en de daarop volgende Belgische hittegolf  niet weggesmolten is. Hoeraatje.

't Was wederom een snel-klaarproject. Het stomste werk was de versteviging knippen om geen hobbelrits te krijgen. Het langste werk was het biais aan de hals stikken. Dat loopt in één stuk door, en ik heb daar meer dan vijftig spelden voor gebruikt. Het kunnen er ook honderdvijftig geweest zijn. Om daarna die overlap aan de schouders dicht te naaien met knoopjes, want met een rits middenvoor is een open schouder compleet nutteloos. Dat had ik op voorhand mogen bedenken, want mijn basisslaapzak had een rits in de zijnaad. Oeps. Te onthouden voor een volgende slaapzak dan maar? Jaja, maar ik weet niet of we dat nog doen, slaapzakken. Binnenkort mag die kleine wel eens in haar grote bed slapen, in plaats van enkel spelen en foto's laten nemen, en doet een kind dat dan nog, slaapzakken aandoen? GEEF MIJ RAAD, ALSTUBLIEFT-DANKUWEL! Ondertussen gaat die slaapzak als't moet 's morgens in de was, en ligt die 's avonds terug klaar. Efficiënt, jawel!

 






 


(*) Een keer ze vijf jaar oud zijn, of Timo heten -ik weet niet precies wat het hem doet- dan kan ik dat ook. Maar tweejarige Amélies in bed leggen, da's miserie. Dus wie weet, misschien groeit het eruit, tegen dat ze vijf is, of als ik haar consequent Timo begin te noemen.
Ik mag haar overigens wel uit bed halen. Want dat kan ik als de beste. Of mijn echtgenoot suckt daarin, dat kan ook. Tweejarige Amélies uit bed halen, da's miserie voor hem. (**)

 (**) Of ze een moeilijk karakter heeft, die dochter van ons? Bwa neet, naar 't schijnt lijkt ze gewoon op de mama. 

Patroon: uit de losse hand
Stof: al eerder te zien op deze blog, en ik ben te lui om het op te zoeken, maar 't zat dus al een tijdje in de kast, en 't is van Lillestoff

maandag 10 oktober 2016

Een Lars.

Er ligt wat stof op mijn blog. De reden raadt zich al raden. Een hint? Tik tak tik tak. Zoiets. 
Ik wil graag betere foto's kunnen maken. Voor de blog, en voor mij. Ik onthoud al zo slecht, en alles gaat al zo snel, dus herinneringen vastleggen lijkt mij wel een goed project.
Per geluk goeie foto's nemen is een begin, maar een mens mist dan toch wel wat momenten. Een cursus fotografie leek mij daarom een goed idee. Een heel goed idee zelfs, tot bleek dat ik niet alleen een avond per week in de les zou zitten, maar op andere avonden, ochtenden, middagen en nog wat tussendoren ook aan het fotograferen zou zijn om mijn opdrachten binnen te kunnen geven. Oeps.
Het spijtige aan de zaak is dat ik het gewoon wil kunnen, 't is geen passie. In de klas merk ik dat ik een middelmaat ben, misschien hang ik zelfs aan de staart. Fotograferen is voor mij een middel, geen doel. En daarom vreet dat wel aan mij, die tijd die ik niet kan gebruiken om te naaien.  Of te bloggen.

Maar kijk, voor Lars wil ik wel een uitzondering maken. Sinds ik bij de Moiano ontdekt heb dat jassen maken niets onoverkomelijks is, vind ik dat een overheerlijk project. Die kinderen dragen dat stuk dagelijk. Dagelijks! Kind blij, moeder blij. Moeder dolblij.

Ikzelf lag een hele week in de lappenmand. Te beginnen op mijn verjaardag nota bene. Ouder worden, 't zal niets voor mij zijn. Dit weekend kwamen oma en opa langs om zich over de kinderen te ontfermen, zodat ondergetekende zich nog eens kon omdraaien in bed. Of ze het toevallig zagen zitten om de winterjas te fotograferen voor de blog? Twee uur en honderd foto's later bleek het antwoord 'ja'. 

Timo koos zelf de stof. Ik had vermoed dat hij voor een softshellprintje zou gaan, maar hij koos een simpel rood. Makkelijk voor mij, en minstens even goed, als ik het resultaat bekijk. 
Hij zou in een 110S passen, maar ik maakte voor de zekerheid een 110. Lars is op zich geen winterjas, dus er moest nog wat voering tussen, en bovendien groeit het kind wel eens af en toe.
Met de grote zak is het jong zot tevreden, da's zijn speelgoedzak. De extra paspelzakken (niet in het patroon) scoren ook, zo kan hij zijn handen warm houden. 

De jas is gevoerd met tricot, dat is wat gezelliger dan katoen in de winter. De mouwen kregen een gladde, maar met wattine doorstikte voering, zodat die toch ook wat extra warmte zouden hebben. 

En de kap, da's een echte meerwaarde. Toen de jas nog kaploos, maar toch al af was, kreeg ik van de zoon te horen dat er precies toch wel iets ontbrak. Uiteraard ging ik daar volledig mee akkoord, alleen stik ik iets trager dan ik denk.
't Is een full-option kap. Ik heb er koordstopelastiek, koordstoppers en van die professionele eyelets in gestopt. Voor die laatste heb ik gemiddeld twee stuks per gat kapot geklopt voor het in orde kwam, en ik hoop, eventueel zelfs blootknies, dat ze blijven hangen, maar 'k geloof er toch niet helemaal in. Zelfs niet blootknies. Gelukkig rafelt softshell niet, en is het voor de zjaar, die ringetjes. Ik heb het middendeel van de kap overigens ook doorgeknipt en er een velcro flap tussengestopt, zodat je op die manier ook kunt aanpassen. Niet dat het nodig is, want de pasvorm van de kap is eigenlijk sowieso geweldig.



 


Een camouflagejasje kun je het niet meteen noemen; zichtbaar des te meer. Ik kocht op Aliexpress fluorescerende paspel, en ik ben supertevreden over de kwaliteit. Veilig in het verkeer, meneer!
Dank u voor de fijne namiddag, oma en opa. Dank u voor de foto's.


Buitenstof: softshell bij Van Gool 
Binnenstof: Lillestoff Indianerwelt Kombi
Tussenvoering: Wattine
Kapfournituren: Veritas

woensdag 20 juli 2016

Een Moianocoat

Vorige week, toen de kindjes bij de schoonouders op vakantie waren,  draaide de naaimachine overuren. Naast de trui voor Timo, maakte ik ook het nieuwste jassenpatroon van Straightgrain voor Amélie.

Het viel mij geweldig mee om het jasje te maken. Er zijn best veel patroondelen, en het is behoorlijk tijdsintensief, maar het is echt niet moeilijker om te maken dan pakweg de Tinny, die je hier en hier en hier al kon zien. Mijn schrik, 't was nergens voor nodig. Daarenboven vind  ik de jas zo geslaagd, dat ik hem overal mee naartoe sleep, fris of heet. (Liever heet, trouwens). Iedereen die niet te hard tegenstribbelt, krijgt de jas in zijn handen geduwd, gewoon om er eens naar te kijken, en te zeggen 'oh waw Jozefien, zo mooi'. En dan blink ik in mijn vel.

De stof vond ik bij Hendrika -zeg maar Hennie - aka sinds kort de vlam van de peter van mijn man. Topvrouw, dat heb ik zo gezien.
Zij is retoucheuse. Vroeger, toen haar echtgenoot nog leefde, stikten ze ook maatwerk. Op haar eentje kan ze dat niet aan, en ze heeft besloten haar hele stoffenvoorraad van de hand te doen aan bodemprijzen. Ik moet toegeven dat je even moet zoeken, maar kijk, ik heb er 54 euro uitgegeven, en alle stoffen zijn geprijsd aan 2 euro per meter. 't Is dus eigenlijk maar een béétje zoeken hé. Allez ja. Wie ook zijn slag wil slaan, 't is in Bocholt te doen.

Voor het jasje zou ik voor simpel gaan. En toen zag ik Annicks exemplaar,en wou ik toch paspel. En toen zag ik Lies haar exemplaar en wou ik toch strak. En toen ging ik uiteindelijk toch maar all the way. Plooitjes, paspelzakken die ze nooit zal gebruiken maar die ik toch eens wilde oefenen, gerimpelde mouwkoppen (zo mooi!), et cetera.

Ik heb het jasje gevoerd met een tricot van Lillestoff, die al in mijn kast ligt van voor ik een dochter had. Om dat moois ook wat aan de buitenkant te laten zien, heb ik er ook paspel van gemaakt. Niets schuin van draad (dadoedetochnimettricot?), maar gewoon een reep rond een metserkoord, en klaar. De enige - echt enige - keer dat ik getornd heb, was toen ik vergeten had om paspel tussen boven-en onderpand te stikken. Meevaller, toch? Ik denk niet dat 'een eerste keer' al zo vlot gegaan is. 

Gele knopen maakten het plaatje in mijn hoofd af, maar toen ik in de Veritas op mintkleurige exemplaren botste, kon ik niet anders dan dat buisje naar de kassa te brengen. 

De foto's zijn niet van de vrolijkste. Zelfde tijd locatie als hier, maar de dochter heeft er sinusitis en een oorontsteking en een doorkomende tand, en het was laat, dat ook, toen moeder het lumineuze idee kreeg om toch nog rap een shootje te doen. Pas toen Cyria me bijstond met attributen en haar warme hart, vond de dochter het plezant.
 

 



Dank aan beide modellen!

Voering: Lillestoff - Aloha Flamingo
Buitenstof: merkloos bij Hendrika - Leemskuilenstraat in Bocholt

Weetje: mijn klosje Güttermanngaren was ei zo na op, toen het jasje af was. Wetende dat ik hier en daar nog wat met een ander kleur gestikt had, betekent dat dat er in dit jasje iets meer dan honderd meter draad gekropen is. Kan wel tellen, me dunkt.

zaterdag 23 april 2016

Ole - over omkeerbare ritsen en propere mouwboorden

Waarom heeft deze trui eigenlijk knopen? De zoon had het over dit kledingstuk.
"Om hem dicht te kunnen doen" was geen bevredigend antwoord. Een rits wilde hij graag. Een rits, en een kap.
Ik luisterde geamuseerd. Bijna vier, en de eerste technische vereisten voor een kledingstuk worden bekendgemaakt. Ik bleef geamuseerd, wetende dat Sharon een tutorial uitgeschreven heeft om van je Ole een ritsbaar exemplaar te maken. Mijn zoon bedient mij van nieuwe uitdagingen. Nou nou.
De instructies zijn zoals we van Zonen09 gewoon zijn: uitdagend, maar super goed gedocumenteerd zodat de uitwerking een plezier is.

Twee dagen na de stoffenlancering van Eva ging ik langs bij de Stoffenkamer om wat voeringstof voor dit kleedje. Uiteráárd was dat slechts een mentaal achterpoortje om de Moutonstofjes te voelen. Hypegevoelig ben ik over het algemeen niet, maar een Eva moest ik in huis hebben. Zij is een van de redenen waarom ik trots ben om Gentse te zijn.
Omdat ik ondertussen weet dat ik sneller koop dan stik, hield ik het bescheiden bij 1 metertje cactussen. En die werden meteen aangeslagen door de zoon. Jeuj voor stofjes die de stoffenkast niet zien!

De rits was een moeilijk geval. Een omkeerbare rits is blijkbaar gigantisch moeilijk om te vinden, maar gelukkig bestaan er omkeerbare trekkertjes.
Om die te bevestigen maak je eerst je rits kapot (stress!), froemel je de nieuwe runner erop, en naai je een trensje, zodat die runner er niet meer vanaf kan - kwestie van het stressniveau terug te laten dalen.
Ik zocht op de site van de Veritas, en vond drie soorten runners.
Omdat ik wat onzeker was over welke te nemen, besloot ik toch maar naar een bakstenen winkel te trekken. Helaas, dat hielp niet. De dame in kwestie zei me dat zij dat ook al geprobeerd had, en vaker niet dan wel werkt. "En dan sta je daar, met je nieuwe, kapotte rits." (Stress²!)
Bon, ik liet me niet van mijn stuk brengen, en besloot er toch voor te gaan. Toen ik een schuivertje vroeg, liet ze me drie tubes met schuivers zien. Welke runner voor welke soort rits diende, hebben we beiden niet kunnen uitvogelen. Daarom keerde ik huiswaarts met één deelbare bloktandrits, en drie schuivertjes.

De dame in kwestie had gelijk. Vaker lukte het niet dan wel. Er past immers maar één van de drie schuivertjes op de rits, met name de 'metaalschuiver voor bloktandrits'. Als je in de winkel staat, kies dan die met een A-vorm waar er  'VISLON' op staat, da's de goeie. 

Het kledingstuk was een zaligheid om te naaien. Het was mijn derde Ole, en dat blijkt zowat mijn overgangsnummer te zijn om zonder veel getorn een mooi afgewerkt exemplaar te bekomen. De sweater van Eva is van een hele mooie kwaliteit, en mij mag je geloven, want ik ben niet gesponsord. Zacht en toch stevig... Mijn lock en naaimachine dansten over de stof.



  

  

  


Als voering gebruikte ik pencil stripes van Lillestoff. Deze tricot is veel rekbaarder dan de sweaterstof, maar ik haalde mijn kniehevel boven en kon alles onder controle houden. Heerlijk, als je marchandise in huis hebt.




  

 

Vroeger snapte ik niet waarom je een trui zou dubbelen. Er is toch altijd een favoriete kant. Ik hoorde van moeders dat dat handig was voor vlekken, en verketterde ze. Serieus, je kind zijn kleren omdraaien omdat het er dan proper 'uitziet'? BAH!
En daarna ging mijn zoon naar school. En sindsdien komt hij iedere dag met vuile kleren thuis. Ie-de-re dag. Met gi-gan-tisch vuile kleren.
Ik zag het licht. Een gedubbelde trui, da's echt twee in één. Vlekken? Oh, omdraaien. Opgelost. 
Maar kijk, zo'n "propere" trui, met vieze mouwboorden, dat is het niet. Dat maakt je een opvallende valsspeler.
Ik zag het licht. Nog een keer. Als je die mouwboorden lang genoeg zijn om te kunnen omplooien, is het vuil terug weg. Omgedraaid. Opgelost. Ik voel mij een geslaagde moeder.

Ik wilde geen contrastboorden, dus moest ik ze er contrastgewijs aanzetten, zodat ze omgeplooid met de zelfde stof boven liggen als de mouw. Volg je?
Omdat ik deze truc vast eindeloos zal blijven herhalen, heb ik er een fotootje van gemaakt.
Uiteindelijk wil ik de mouwboord met buitenstof aan mouw met buitenstof, en mouwboord met voeringstof aan mouw met voeringstof.
Wanneer je je geassembleerde mouwboord in je voeringstof-mouw schuift, ligt de stof van de buitenkant van de mouwboord tegen de voeringstof-mouw aan. Zo dus:


De zelfkant van de stof is echt leutig. Daarvoor alleen al zou je extra meters kopen. Om labeltjes te maken en al. Wiiiii!



Patroon: Ole van Zonen09
Stof: Cactussen van Eva Mouton bij De Stoffenkamer
Pencil Stripes van Lillestoff

woensdag 6 april 2016

Liladress

Zoals vast wel al een beetje opviel, is de Liladress momenteel mijn absolute favoriet om voor Amélie te naaien. Het kind is gegroeid, dus ik mocht nog eens aan de slag. 

Omdat mijn voering zo glibberig was - ik ben geëindigd met er patroonpapier tussen te stikken omdat de steken anders niet bleven zitten - heb ik ervan afgezien om de hals door te stikken. Hij valt iets minder strak, maar dat weze dan maar zo.

Mijn dochter is er niet minder mooi om. Oordeel zelf.


 





Patroon: Liladress
Stof: Lillestoff Enemenemeins

vrijdag 4 maart 2016

Lilajumpsuit² - de giveaway


In mijn middelbare vriendenkring worden er stilaan nakomelingen geproduceerd.
Hoera voor die nieuwe broedjes, want als de kinderen elkaar kunnen animeren, krijgen mama's en papa's terug meer tijd om zich op de medevolwassenen te concentreren.

Het is de eerste keer dat ik zelfgemaakte kleertjes heb afgegeven als geboortegeschenkje. Als geschenkje tout court eigenlijk. Maar kijk, een mens krijgt al wat meer ervaring, wordt wat zelfzekerder, en beschikt over het perfecte patroon - zoals jullie hier al konden zien.

Ik haalde een gekoesterd stofje uit de kast, en zette er de schaar in.
Het is een Lillestoffje waar ik anderhalf jaar geleden een T-shirt voor de zoon mee maakte.
Dat komt nog heel regelmatig uit de kleerkast en ziet er nog altijd even goed uit .
Niks dof of opgewold, goeie punten dus op het vlak van kwaliteit. Het kind zal dit pakje niet kunnen verslijten.





Nadat ik mijn voorpanden geknipt had, knipte ik dat nog eens - per ongeluk.
Nadat ik mijn voorste bovenstukje geknipt had, knipte ik dat nog eens - per ongeluk.
Ik leunde achterover, legde theatraal mijn handpalm tegen mijn voorhoofd, dacht 'oh, het lot!', en knipte mijn stof op om een tweede exemplaar te maken.






De jumpsuit kwam in tweevoud, de kroost echter niet.
En kijk, daarom, met al die zelfzekerheid van tegenwoordig *ahum*, heb ik met een klein hartje besloten om die weg te geven aan één van jullie. Want naaien voor vrienden is on-ge-loof-lijk eng. Maar naaien voor onbekenden, dat is hors catégorie. En zit er feitelijk iemand te wachten op dit pakje? Wel, ik hoop het in ieder geval van harte. 
Dus vind je deze jumpsuit in maatje 62 ook een leukerd?

Volg dan via Bloglovin of Blogger, en laat in een reactie na wie jij er een plezier mee wilt doen.

Stof: Lillestoff Inuit Whale
Patroon: Liladress/jumpsuit