woensdag 13 april 2016

Het gevoerde stropzakje (met tutorial).

Ik ben een Gentenaar die in Brussel werkt. Dat betekent zoveel als "ik ben een fietser".
Dat betekent ook dat ik al eens een regenvlaag over mij heen krijg. Toch blijf ik vrolijk, want alle filerijders peddel ik op mijn gemak voorbij (ok, op mijn gemak is dat niet altijd. Maar toch. Laat mij nu toch maar doen alsof ik sportief ben, en nooit te laat richting station vertrek). Dankzij mijn regenbroek is mijn jeans nooit doorweekt, wat zeker bijdraagt aan het "regen, regen, daar kunnen wij wel tegen"-gehalte.

Maar dan kom je dus aan in het station, met je kletsnatte regenbroek, en die moet je in je rugzak proppen. Omdat een plastieken zak niet ideaal is, besloot ik een zakje te naaien. Ik gokte dat de maat redelijk nipt zou zijn, maar dat was de bedoeling; mijn kleinood moest ook mijn broek intomen en zorgen dat er in mijn rugzak plaatsgewijs vooruitgang is.

Ik heb er even over gedaan om te bedenken wat de beste stof zou zijn. Met gewoon katoen ben je niets, want dat laat het water door. Geplastificeerd katoen is te hard, waardoor mijn zakje niet plaatsbesparend dichtgestropt kan worden. Maar kijk, een mens heeft al eens een goeie vlaag nodig om een aha-erlebnis te beleven, en toen ik een heerschap zag sukkelen met een kapotte paraplu, vielen alle puzzelstukjes op hun plaats.

In mijn kast lag een kapot parapluutje met een vrolijk stofje. Dat werd ontmanteld, en in de stof werd geknipt. Omdat parapluzakjes zelf altijd gedubbeld zijn, leek me dat een goed uitgangspunt voor mijn eigen naaisel.

Zo ging ik te werk:

- knip vier rechthoeken van 20 op 30 cm (de mijne zijn 17 op 30 en toch net iets te smal om praktisch te zijn), en twee rechthoeken voor de tunnels van 18 op 6 (ik maakte dus 15 op 6).
 - werk elke tunnel af door beide uiteinden twee maal een halve cm naar binnen te plooien, en door te stikken.

- strijk de tunnels, zodat ze dubbelgeplooid zijn met de lange zijden op elkaar

- neem twee rechthoeken, en steek daar een tunnelstuk tussen met de opening naar boven. De tunnel is wat minder breed dan het zakgedeelte; positioneer de tunnel gewoon in het midden van de zak. Stik vast.
Herhaal dit met de andere twee rechthoeken en tunnel.


- leg je twee zakdelen open, en speld ze op elkaar. Zorg daarbij dat de tunnels naar dezelfde kant wijzen. Stik rondomrond vast. Laat een opening als keergat.

- Knip de hoekjes bij. Ter hoogte van de tunnels knip je ook een driehoekje in. Keer je werkje binnestebuiten, of juister, buitenstebinnen.

- Nu zijn er twee opties. Ofwel stik je enkel je binnenzakje op 2 mm, zodat het keergat gedicht is. Ik heb eerst mijn binnenzak in mijn buitenzak gedraaid, en dan het hele boeltje samen gestikt, omdat ik er gek van wordt dat die beide zakjes een eigen leven leiden.

- Doe van koord, stopper, knoop.

KLAAR!

De oorspronkelijke titel van dit blogbericht was "De broekrol. Nee, niet de broekrok. De broekrol.", en wel omwille van deze foto:

Uiteraard hoef je niet over een bij wijlen natte fietsbroek te beschikken om dit zakje te naaien. Mogelijkheden zijn legio!

stof: oud parapluutje van Esprit

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen